Laatste wijziging: 29 08 2010
informatie voor ouders onderbouw
versie september 2007
inleiding
Help mij het zelf te doen is een belangrijk
Montessori-uitgangspunt, dat aan het begin van de dag al direkt van
toepassing is. Het is de bedoeling dat de kinderen vanaf het begin zelf
hun jas (met lusje) aan een haakje hangen, hun beker(s) op de plank boven
de haakjes zetten (i.v.m. lekken), de leidster een hand geven en voor hun
plantje en kleedje zorgen. Dit bevordert het zelfvertrouwen van het kind
en maakt het zelfstandiger.
De kinderen kunnen meteen een werkje kiezen en hoeven niet te wachten.
Het
logische gevolg hiervan is dat de ouders zo snel mogelijk afscheid nemen,
bij de klassendeur, opdat de kinderen overzicht houden en niet belemmerd
worden in hun werkkeuze. Vanaf hun vijfde jaar komen de kinderen in de
regel alleen naar boven. Uit respect voor de eigen plek voor ieder kind
zitten we ook niet op de tafel en stoelen van de kinderen.
speelgoed
Speelgoed mag niet mee naar school genomen worden, dit levert te veel
problemen op. Voor de duidelijkheid willen we ook school- en thuiswerk
gescheiden houden, dat betekent dat er ook geen schriftjes e.d. van thuis
mee naar school genomen worden. Aan de andere kant kan het voorkomen dat
u
in de tas of zakken van uw kind kleine voorwerpjes tegenkomt die u niet
kent en die op het eerste gezicht waardeloos lijken. Wilt u er rekening
mee houden dat deze onderdeel van een werkje kunnen zijn en dan zijn ze
van cruciaal belang. Vraagt u ons voor de zekerheid of het om zo´n
schoolattribuut gaat, wij zijn u zeer dankbaar.
op tijd komen
Het is belangrijk dat uw kind op tijd aanwezig is, in de eerste
plaats voor het kind zelf; het wil misschien graag met iemand samenwerken
of een bepaald werkje kiezen en binnenkomen als iedereen al bezig is kan
ook moeilijk zijn voor een kind, de juf is al lesjes aan het geven. Er
wordt veel in tweetallen gewerkt om de sociale ontwikkeling te bevorderen
maar ook het individueel werken heeft hierin een belangrijke funktie: de
kinderen moeten elkaars werk respecteren, mogen niet storen of op de
kleedjes staan. Van elk werkje is er maar een beperkt aantal aanwezig in
de klas, waardoor geleerd wordt een behoefte uit te stellen en te
overleggen.
activiteiten
Elke dag worden er ook gezamenlijke activiteiten gedaan zoals
bijvoorbeeld:
- Welke dag, datum, jaargetijde is het?
- Hoeveel kinderen, jongens, meisjes zijn er?
- Liedje zingen en muzikale vorming
- Voorlezen
- Versjes leren
- Taalspel
- Telspel of wiskundige activiteit
- Materiaalspel, dit is een groepsspel met montessorimateriaal
- Wellevendheidslesjes, dit is een kort lesje waarin het kind leert hoe
het
zich sociaal gedraagt.
- Ontwikkelingsles over een bepaald onderwerp zoals bijvoorbeeld de mier,
de
appel, etc.
schooltijden
Maandag, dinsdag, donderdag en vrijdag 8:45 uur tot 15:00 uur
Voor nieuwe kinderen is er een wen-programma. Voor de vierde verjaardag
komt de aankomende eerste groeper twee keer een
ochtend op school.
Vanaf vier jaar begint het kind met twee weken alleen de
ochtenden.
de werkperiode
Tijdens een werkperiode weten de kinderen precies wat er van ze verwacht
wordt. Door deze duidelijke afspraken kunnen alle kinderen werken en
spelen in een overzichtelijke en rustige omgeving. Dit zijn de afspraken
die we hanteren.
*Je werkt aan je tafel of op een kleedje
*Met twee persoenen in de bouw/ of poppenhoek
*Opruimen van een werkje mag pas als de juf het heeft nagekeken of heeft
gezien.
*Tijdens het werken praat je heel zachtjes
*De juf doet een rondgang en geeft lesjes, aan een individueel kind of
aan
een groepje kinderen.
*Als de juf een lesje geeft mogen anderen kinderen niet storen.
*Je mag pas met een nieuw werkje beginnen, als je het vorige werkje af
had.
*De kinderen mogen niet naar de juf toekomen of de juf roepen.
Dit lijkt een heel strenge regel, die zeker voor de nieuwe kinderen niet
meteen haalbaar is. Toch proberen we hier naar toe te werken. Met deze
regel krijg je rust in de klas.
een werkje op papier
Als een kind een werkje of tekening af heeft en het mag in overleg met de
juf opruimen, dan kan dit werkje in de 'afbak' gelegd worden. Moet er
opgeruimd worden en
het werkje is niet af, dan gaat het in de niet afbak. De volgende keer
kan
het kind dit werkje dan afmaken. Een nieuw werkje op papier mag pas
worden
begonnen als er geen af te maken werkje meer in de bak ligt.
pauzehapje
Het pauzehapje is ook een individueel werkje en het kind kan dus zelf
bepalen wanneer het daaraan toe is. Het is de bedoeling dat het
pauzehapje
een gezond tussendoortje is. Geef uw kind het liefst geen brood mee als
pauzehapje, dat is verwarrend en heeft vaak tot gevolg dat het niets meer
over heeft voor de lunch. Verder geven wij uit milieuoogpunt de voorkeur
aan bekers boven pakjes. Snoep mag niet.
opruimen
Als het werkje klaar is dan zet het kind dit op de goede plaats weer
terug.
Als de hele groep moet opruimen, dan helpen de kinderen die eerder klaar
zijn de kinderen, die nog niet klaar zijn.
Aan het eind van dag zorgen we er met z´n allen voor, dat de klas weer
helemaal netjes is. Kinderen maken dan bijvoorbeeld kasten netjes of gaan
de vloer vegen.
naar de WC
Elke klas heeft op een vaste plaats een voorwerpje liggen. Als een kind
naar de wc moet, hoeft hij (zij) dit niet te vragen. Het kind zet het
voorwerpje op zijn tafel en gaat naar de wc. Zodra het kind terug in de
klas is, moet hij het voorwerpje weer terugzetten, zodat de andere
kinderen weten dat de wc weer vrij is. Wij willen dat de kinderen, ook de
jongens, zittend plassen. Sommige jongens hebben hier moeite mee en -
of plassen toch nog staand. Helaas wordt er echt veel naast de wc
geplast, vandaar dus dat wij deze regel hebben ingesteld. Graag zien wij
dat ouders van jongens deze regel met hun kind bespreken.
Het is de bedoeling dat kinderen zelf hun billen kunnen vegen als ze op
school komen. Kinderen voelen zich niet prettig als ze dit niet
kunnen.
Als een kind in zijn of haar broek heeft geplast, hebben wij op school
reserve kleding, zodat een kind niet met vieze kleren aan op school hoeft
te zitten. De ouders moeten deze uitleen kleren weer gewassen
terugbrengen.
overblijven
We hebben op school een 'continu-rooster', dat wil zeggen dat de kinderen
tussen de middag niet naar huis gaan, maar op school overblijven. We eten
gezamenlijk van aardenwerken
borden,
dit is een bewuste keus om ook hierin kinderen verantwoordelijkheid te
geven, ze leren voorzichtig te zijn als het materiaal daarom vraagt. De
kinderen eten een half uur met de eigen juf en een half
uur spelen ze buiten onder leiding van overblijf-ouders.
ophalen van kinderen
Om ongeveer 14:55 uur komen de kleuterklassen met hun juf naar de
voordeur. Daar nemen ze afscheid van elkaar d.m.v. het geven van een
hand.
Ziet het kind nog niet diegene die hem of haar komt ophalen, dan blijft
het
kind even bij de juf wachten.
plantje en kleedje
Alle kinderen nemen voor hun tafel van huis een plantje en kleedje mee
daarmee wordt hun tafel echt een eigen plekje. De plantjes worden door de
kinderen zelf verzorgd, zij zijn daar verantwoordelijk voor. ´s Morgens
wordt het plantje weggezet en aan het eind van de dag wordt de tafel weer
gezellig gemaakt de kinderen zetten het plantje en kleedje dan weer
terug.
Ook in alle andere klassen hebben kinderen plantjes en kleedjes, veel
kinderen in de bovenbouw hebben nog steeds hetzelfde kleedje, dus uit hun
kleuterperiode, op tafel liggen. Een enkele keer lukt het zelfs ook
hetzelfde plantje te behouden. Het is de bedoeling dat het kleedje goed
op
tafel past, gewassen kan worden en het liefst jarenlang meegaat. Veel
kinderen hebben een prachtig, soms door ouders zelfgemaakt of versierd
kleedje, dat maakt de tafels en de klas extra gezellig.
het luisterteken
Als de kinderen even moeten luisteren, zingt de juf een liedje. Zodra de
kinderen het liedje horen, stoppen de kinderen met werken en staan of
zitten ze even stil. De juf kan even iets aan de hele groep vertellen.
registratie
Elke dag wordt er op de klassenlijst bijgehouden welke kinderen er op
school zijn. Ook houdt de leidster bij wat elk kind gedaan heeft.
de CITO-toets
De kinderen van groep 2 doen rond februari een CITO-toets. Er is een
toets ordenen, deze toets test hun ruimtelijk inzicht dat van belang is
voor het latere rekenonderwijs. Daarnaast is er een toets Taal voor
kleuters.
Gymles
Op dinsdag of donderdag hebben de kinderen gym van onze
gymlerares Nienke Zoetemeyer. Om hygiënische redenen is het wenselijk dat
de
kinderen
gympjes dragen tijdens de les, simpele ritmiekschoentjes met een
elastiekje over de wreef voldoen het best, balletschoentjes zijn te glad.
De gymtas moet van stof zijn, liefst goed herkenbaar voor het kind en
voorzien van naam evenals de gymschoenen.
Muziekles
Op dinsdag krijgen de onderbouwklassen
ongeveer 45 minuten les van onze muziekleraar Thijs Janssen. De
behandelde
muziek
is altijd te vinden op deze website.
verjaardag
De verjaardag van een kind wordt in de onderbouw uitgebreid gevierd. De
jarige
trakteert de kinderen van de klas op iets lekkers, geen snoep, en mag de
klassen rond. De andere leerkrachten, overig personeel en hulpouders in
de
school krijgen dan ook iets, de jarigen mogen bij hen ook een
kleinigheidje
uitzoeken, meestal een plaatje of een stickertje. Wij vinden het prima om
dezelfde traktatie te krijgen als de kinderen, apart inkopen is dus niet
nodig. Veel kinderen geven buiten school een verjaardagspartijtje. Wij
willen u nadrukkelijk vragen de uitnodigingen daarvoor niet in de klas,
onder schooltijd, uit te laten delen door uw kind. Er zijn altijd
kinderen
die verdrietig worden omdat zij geen uitnodiging ontvangen.
hoofdluis
In de klassen wordt regelmatig gecontroleerd op hoofdluis door een paar
ouders.
Als bij uw kind luis is ontdekt, wordt u direct gebeld om uw kind op te
halen en te behandelen. Na de behandeling mag uw kind gewoon weer naar
school. Iedereen wordt verzocht regelmatig te controleren met de
luizenkam.
klassenouders
Iedere klas heeft klassenouders. Deze klassenouders helpen de leerkracht
bij allerhande zaken en coördineren ook het contact tussen ouders
onderling. De klassenouders zullen de andere ouders af en toe benaderen
met een hulpvraag, bijvoorbeeld om mee te gaan als begeleiding met een
uitstapje of om te helpen met knutselen. Alle klassenouders komen
gemiddeld vijf keer per jaar bij elkaar om ervaringen uit te wisselen en
activiteiten op elkaar af te stemmen.
bezoek
Op een Montessorischool is het gebruikelijk dat de kinderen op regelmatig
op bezoek
gaan in andere klassen. Dit heet de intellectuele wandeling. Ze zien wat
er in andere
klassen gebeurt en dat kan een uitdaging zijn. Zij vinden het ook fijn om
kameraadjes in een andere groep op te zoeken en ze ervaren een gevoel van
saamhorigheid. Bij ons op school is het ook de gewoonte dat de leidsters
de kinderen thuis bezoeken, een keer in de periode dat het kind bij haar
in de klas zit, wij worden hiervoor graag uitgenodigd.
overgang naar de middenbouw
Officieel gaan kinderen die vóór 1 oktober zes jaar worden na de
zomervakantie naar de middenbouw. Logischerwijs kun je die regel niet
altijd hanteren. Vooral veel vroege leerlingen, de zomerkinderen dus,
hebben baat bij een langere onderbouwtijd. Er wordt door ons vooral
gekeken naar de sociaal-emotionele ontwikkeling van het kind bij de
beslissing of het al door kan naar de middenbouw. Het is ook mogelijk
om
op een ander tijdstip in het jaar de overstap te maken of bezoekjes te
organiseren van midden- naar onderbouw of andersom als dit in het belang
van het kind is.
Arbeidsduurverkorting (A.D.V.)
Elke fulltime leerkracht heeft recht op ongeveer één vrije dag in de drie
weken. Robiene wordt vervangen door Hetty.
overleg met de leerkracht
Als u de leerkracht wilt spreken kunt u om drie uur binnenlopen om een
afspraak te maken. Om halfnegen heeft de leidster geen tijd om met ouders
in gesprek te gaan omdat zij er dan is voor de
kinderen. Twee keer per jaar zijn er oudergesprekken, al dan niet naar
aanleiding van
een geschreven verslag. U wordt daarvoor uitgenodigd. Daarnaast is het
altijd mogelijk om tussen door een gesprek aan te vragen als daar
behoefte
aan is, dit kan zowel op verzoek van de ouder als van de leidster. Als
een
kind nieuw op school komt, is er na een paar weken ook een gesprekje over
het wel en wee van ouder en kind.
Als leer- of gedragsproblemen worden geconstateerd, wordt dit direkt met
de ouders besproken om tot een gezamelijke oplossings-strategie te komen.
Wij verwachten ook van de ouders dat zij zaken die van invloed kunnen
zijn
op het gedrag van hun kind, op school melden, zodat wij er rekening mee
kunnen houden.